Test Ford Focus ST: Sport en spel

863

Sinds het einde van de jaren ’60 – en de lancering van de (Taunus) 15M RS – heeft Ford een handelsmerk gemaakt van dagelijks inzetbare sportievelingen. Het nieuwe schoolvoorbeeld: deze nieuwste Focus ST.

Elektrificatie, WLTP en alle andere CO2-quota ten spijt, blijven de constructeurs elkaar (gelukkig) bestoken in het hot hatch-segment. De laatste merken die hun knuppel in het hoenderhok gooiden waren Hyundai, met de opvallend veelzijdige i30 N, en Volkswagen, dat zopas nog een Golf TCR lanceerde als eresaluut aan de aftredende Golf-generatie. Midden juli kregen we ook een uitnodiging in de bus van Ford, met de vrijblijvende vraag of we de nieuwe Focus ST vanuit Nice – waar de officiële lancering plaatsvond – richting België wilden sturen. En dat moet je ondergetekende dus geen twee keer vragen.

Aanval op de Alpen

Vrijdag, 13u30. Ik spring in de Focus ST EcoBlue, de dieselversie dus, in de Clipper-breakgedaante. We hebben ’s anderendaags afspraak in La Bresse, zo’n 750 kilometer verderop, waar we onze testwagen inruilen voor de EcoBoost-benzine waarmee de collega’s van Autowereld aan hun Franse roadtrip waren begonnen. Tijd genoeg dus om een kleine omweg te nemen… en een paar alpencols aan elkaar te rijgen. Apéro time, Monte Carlo style!

Vanuit mijn fauteuil, in casu een goed ondersteunende Recaro, zie ik achtereenvolgens de bordjes van Lantosque, Saint-Martin-Vésubie, La Trinité, Bollinette en – what’s in a name – Tournefort passeren. Gezien de resterende afstand hou ik er eerder een vlot dan verschroeiend tempo op na, kwestie van de banden en remmen toch enigszins te ontzien. Met een koppel van 360 Nm, beschikbaar vanaf 1.500 t/min, kwijt de 190 pk sterke zelfontbrander van de Focus zich perfect van zijn taak. De gretigheid waarmee de 2 liter oppikt bij lage regimes – een pluim ook voor de bijzonder aangename zestrapsautomaat – maakt dat je met een ongelofelijke souplesse van de ene apex naar de volgende haarspeld dartelt, met een dynamische aplomb die geen enkele break uit deze categorie weet te evenaren.

Made in Lommel

Dat laatste mag gerust mee op het conto van de ingenieurs uit Lommel, die het chassis van deze Focus ST tot in de puntjes hebben afgesteld. Naast de specifieke set-up van de achterophanging morrelden ze ook aan de verschillende rijmodi (Normal, Sport en Track), die een wezenlijke impact hebben op het rij- en stuurgedrag.

Ook op andere vlakken laat de Focus ST zich eenvoudig configureren naar de voorkeuren van zijn bestuurder. Van de sneltoetsen van het infotainmentsysteem tot het in- en uitschakelen van de rijhulpsystemen, het wijst zichzelf al snel uit… eens je de logica achter het menu begrepen hebt, tenminste. Eén element heeft ons tijdens onze reis wel mateloos gestoord: het feit dat je twee commando’s moet uitvoeren om de schaal van de navigatie aan te passen. Heel vervelend, ook al is Ford lang niet de enige die op dat vlak in de fout gaat…

Eens het draaien en keren in de bergen achter de rug, komen we opnieuw op een wat vlotter rijdende départementale, waar we regelmatig gehinderd worden door de vakantiekolonne die rond deze periode richting zuiden trekt. Tijdens de (talrijke) inhaalmanoeuvres stellen we vast dat de overvloedig aanwezige trekkracht bij lage regimes wat afvlakt in de hogere regionen, wat betekent dat je vaak goed moet timen om je voorligger voorbij te steken.

450 km later.

De klok geeft intussen 21u30 aan, de nacht begint te vallen. De adaptieve lichtunits van de Focus blijken van goudwaarde op de vaak onverlichte Franse wegen. Niet dat de lichtbundel zo overweldigend is, maar de brede hoek en de manier waarop de nachtkijkers zich aanpassen aan opkomend verkeer of de straatverlichting, kunnen sommige premiummerken zeker in verlegenheid brengen. Klokslag middernacht komen we aan bij het hotel, terwijl de boordcomputer een gemiddeld verbruik van 6,5 l/100 km aangeeft. En zeggen dat we intussen wel anderhalf uur van de geschatte aankomsttijd hebben gepitst…

Code oranje

De volgende ochtend sta ik om 8u30 voor de poort van garage Autos Passion in La Bresse. Een kwestie van overmacht, want de collega’s die gisteren de oranje hatchback bestierden, zijn gearriveerd op een leegloper. Een klein oponthoud en een nieuwe achterband later zet ik alsnog koers richting Vogezen en de Elzas, de ideale speeltuin voor een zelfverklaarde pretraket.

Laat ons wel wezen: het verschil tussen EcoBlue en EcoBoost is veel groter dan enkele lettertjes. De drukgevoede 2.3 benzine staat namelijk garant voor 280 pk en 420 Nm, rolt op een nog wat strakker onderstel en profileert zich bijgevolg als dé rijdersauto van het tweetal. De EcoBoost hapt nog gretiger naar de koord, om er vervolgens als een volleerde ballerina rond te krullen dankzij de automatische zelfsper. Ook op de soundtrack van onze handgeschakelde Focus ST (een automatische zevenbak staat net als bij de diesel op de optielijst, nvdr) valt weinig aan te merken: hij klinkt minder artificieel, en ploft erop los wanneer je abrupt het gas lost. In Sport-modus krijg je overigens niet alleen een automatische tussengasfunctie, maar ook een launch control. Voor wat het waard is…

Conclusie:

Al met al is de Focus ST EcoBoost gewoonweg een verslavende en verduiveld plezante machine geworden. Een speelvogel met gezond verstand, want hoewel het verbruik al gauw boven de 10 liter klimt bij een sportieve rijstijl, klokten we ons snelwegtraject richting België af op een respectabel gemiddelde van 8,3 l/100 km.

Een keuze maken tussen de benzine- en dieselversie? Moeilijk, want vooral afhankelijk van je eigen verwachtingen. De zelfontbrander toont zich een uitstekende GT, terwijl de EcoBoost-benzine eerder een rasechte sportwagen wil zijn. Ook voor de prijs moet je het overigens niet laten: de diesel verandert van eigenaar voor 35.585 euro, terwijl de benzine minimum 37.185 euro moet kosten. Beide zijn ook leverbaar als break, voor een meerkost van een slordige 1.000 euro. Wie zijn hart volgt, zal allicht al snel bij de benzineversie uitkomen, maar de ratio neigt dan weer eerder naar de diesel, die een grotere autonomie en gunstigere fiscaliteit kan uitspelen…