Alfa Romeo haalt mythische RL Super Sport ‘Targa Florio’ naar Knokke

485

Hoewel Alfa Romeo alles in gereedheid brengt om zijn (uiteraard geëlektrificeerde) automobiele toekomst te verzekeren, is het bij de Italianen toch vooral het roemruchte verleden dat de liefhebbers spontaan doet likkebaarden. Ook voor de aanstaande Zoute Grand Prix heeft Alfa, met de aimabele hulp van FCA Heritage, een gegarandeerde hoofdendraaier te pakken: de RL Super Sport ‘Targa Florio’.

Om het belang van die RL Super Sport te kaderen, keren we even terug naar de begin- en gloriejaren van de automobiel. Vlak na de Eerste Wereldoorlog start Alfa Romeo met de ontwikkeling van een nieuwe generatie sportwagens, uitgerust met een 3 liter zes-in-lijn. De eerste RL – 56 pk sterk – ziet het levenslicht in 1921, niet veel later gevolgd door een 71 pk tellende ‘Sport’-variant. In 1923 treedt de Alfa Romeo RL toe tot de legende met een dubbele overwinning in de mythische Targa Florio-langeafstandsrace, waar de Alfa-piloten de eerste, tweede én vierde plaats in de wacht slepen. Op de wagen van winnaar Ugo Sivocci duikt voor het eerst het bekende klavertjevier ‘Quadrifoglio’ op, dat tot op vandaag de allersportiefste Alfa’s siert.

Ook deze in 1925 geïntroduceerde Super Sport-versie, die zijn vermogen dankzij twee kleppen per cilinder en een dubbele carburator zag klimmen tot 88 pk, leidde Alfa Romeo naar nieuwe sportieve successen: op de eerste editie van de Mille Miglia, in 1927, zet Alfa Romeo in op vijf RL’s Super Sport: twee officiële, met aan het stuur Brilli Peri-Pesenti en Marinoni-Ramponi, en drie privéteams. De RL’s ‘SS’ doen het bijzonder goed en Gastone Brilli Peri bereikt Rome op de eerste plaats, maar hij wordt verplicht om zich terug te trekken in Spoleto. Het exemplaar dat Alfa Romeo in zijn paviljoen in Knokke tentoonstelt, is één van de in totaal 392 geproduceerde Super Sport-exemplaren, en komt rechtstreeks over van het nieuwe Museo Storico Alfa Romeo in Arese.