Vandaag 6 februari vieren we de ‘internationale dag zonder gsm’. Een uitgelezen moment om stil te staan bij het enige mobieltje dat niet gemaakt is om mee te rijden, al denken bijzonder veel Belgen daar nog steeds anders over.

Ter gelegenheid van die ‘internationale dag zonder gsm’ hield verkeersinstituut Vias – het vroegere BIVV – een enquête bij een representatief staal landgenoten, waarbij het peilde naar onze houding tegenover gsm-gebruik in het verkeer. Wat blijkt? Dat we voor onszelf opvallend milder zijn dan voor onze medeweggebruikers, een vaststelling die wel eens vaker terugkeert in een verkeerstechnische context. We zijn tenslotte allemaal de beste chauffeur ter wereld.

Toch willen we het in deze vooral over onze digitale vriend hebben, want ook het Vias is niet ontgaan dat de smartphone een alsmaar prominentere rol opeist in ons dagelijkse leven – verkeer incluis. “We zijn nu op het punt dat smartphonegebruik ook vaak ergernis oproept”, aldus het verkeersinstituut. “De plaats waar de respondenten het gebruik van de gsm hun meest stoort is, niet zonder verrassing, het verkeer.”

Een Vlaams probleem?

Uit het onderzoek van Vias blijkt dat driekwart van de Belgen (74 procent) zich stoort aan automobilisten die de gsm achter het stuur gebruiken. Opvallend: de ergernis is veel groter in Vlaanderen (86 procent) dan in Wallonië (61 procent) en Brussel (49 procent). 25 procent van de Belgen krijgen spontaan de kriebels wanneer mensen op het fietspad of het voetpad met hun gsm bezig zijn. Ook hier zijn er duidelijke regionale verschillen. In Vlaanderen (32 procent) is het percentage dubbel zo groot als in Wallonië en Brussel (15 procent). De Vlamingen storen zich dus duidelijk meer aan het gsm-gebruik in het verkeer dan de Walen en Brusselaars.

En toch: we doen het (bijna) allemaal

Die collectieve ergernis blijkt niettemin in schril contrast te staan met ons eigen gedrag, want 1 Belg op 7 (14 procent) geeft toe de voorbije week nog zijn gsm gebruikt te hebben achter het stuur. Bij mensen jonger dan 34 stijgt het aandeel actieve smartphonegebruikers zelfs tot 20 procent. De cijfers lijken in lijn te liggen met het onderzoek dat verzekeraar Fidea in 2016 liet uitvoeren, toen bleek zowat 1 Belg op 2 regelmatig al bellend of sms’end door het verkeer te laveren.

De grootste groep die hem gebruikten, deed dat weliswaar voor een handenvrij telefoontje, al geeft 5 procent van de bestuurders toe in de afgelopen week een sms of mail gelezen te hebben achter het stuur. 3 procent heeft een mail of sms verstuurd met de gsm in de hand. Het sturen of lezen van een sms vergroot het risico op een ongeval met minstens een factor 23 omdat de bestuurder dan helemaal niet meer naar de weg kijkt. 2 procent gaf toe een telefoontje gedaan te hebben met de gsm in de hand.

Slechts 1 Belg op 3 kent de (financiële) risico’s…

Wie al rijdend zijn smartphone beduimelt, begaat een overtreding van de 2de graad. Daarbij hoort een boete van 116 euro. Slechts 1 Belg op 3 weet welke boete hem boven het hoofd hangt, 40 procent heeft zelfs totaal geen idee. Elk jaar worden nochtans meer dan 100.000 boetes uitgeschreven voor het gebruik van de gsm achter het stuur, ofwel zo’n 290 boetes per dag.

…om van de menselijke risico’s nog maar te zwijgen

Mocht je nog een andere, niet-financiële trigger zoeken om je smartphoneverslaving af te zweren, weet dan dat zo’n 5 procent van alle verkeersongevallen waarbij iemand gewond geraakt of sterft, te wijten zijn aan het gebruik van de mobiele telefoon achter het stuur. Dat zorgt dus jaarlijks voor minstens dertig doden en 2.500 gewonden. Ja, in ons land alleen.

Cartoon: Zaza

DELEN